De plastificering van het platteland

Er komen minder boeren en tuinders, maar de plastic-velden worden alsmaar groter. Kennelijk is er een verband: hoe groter de bedrijven, hoe meer akkers bedekt worden met plastic. Dat duidt op steeds verder gaande industrialisering van land- en tuinbouw en steeds snellere afname van kleinschalige familiebedrijven. Met ‘normale’ productie van gewassen redden boeren het niet meer. De planten worden steeds geraffineerder opgejaagd, omdat de ene boer nog eerder de producten op de markt wil brengen dan de ander.

De consumenten willen steeds vroeger of liefst het hele jaar door seizoengroenten kopen. Dat consumentengedrag voedt mede de permanente concurrentiestrijd waarmee boeren te maken hebben en die hen dwingt de akkers vol te leggen met plastic.

Groene plastic en bioplastic zijn geen oplossing. De bodem raakt uitgeput. De natuur kan de industriële snelheid niet bijbenen. De vogels kunnen geen voedsel meer vinden. De biodiversiteit neemt af. Verder is het een aantasting van het landschap.

De plastificering van het landschap is geen aanbeveling om toeristen te trekken die van de natuur willen genieten.

Kan het anders? Wij denken van wel. Juist om de familiebedrijven een toekomst te geven zou de gemeente namens de gemeenschap boeren voor het bewaken en bewaren van natuur en landschap kunnen waarderen, ook financieel. Kleinere boerenbedrijven kunnen worden voortgezet als een ander verdienmodel wordt ontwikkeld. Een belangrijk bestanddeel van dit nieuwe model is het betalen van boeren en tuinders die hun productiemethoden afstemmen op de eigen aard en het eigen ritme van de natuur, die concreet werk maken van het herstel van biodiversiteit, die met hun bedrijf het landschap in stand houden, die samen met geïnteresseerde consumenten op milieuvriendelijke wijze voedsel produceren voor eigen gebruik, die voedselbossen aanleggen.

Er zijn boeren en tuinders die nu al op deze alternatieve wijze werken. PvdA/GroenLinks vindt dat de overheid deze pioniers moet steunen.

Annigje Primowees, Frits Berben, Raf Janssen,
Raadsleden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.